De markt is in Cambodja verreweg de belangrijkste plek in zowel stad als dorp.
Markten zijn hier 7 dagen per week geopend van iets na zonsopgang tot iets voor zonsondergang.
In Phnom Penh geldt dat onder andere voor de “old market”.
Op deze markt wordt hoofdzakelijk groente, fruit, vis en vlees verkocht,

maar er is ook een vleugel waar kap(st)(p)ers, ieder in een klein hokje van soms maar 2 m2, hun werk uitoefenen, en er is een vleugel waar ze (meest) gouden sieraden verkopen. Goud is voor de gemiddelde Cambodjaan een investering. Als er eens een financiële meevaller is, of als er eens wat geld over is, wordt daar een ring of armband van gekocht. De Cambodjaanse vrouw draagt zo haar spaartegoed eigenlijk altijd bij zich, en als er geld nodig is kan zo’n sieraad altijd weer winstgevend worden verkocht. Ook is er nog een non-food gedeelte (keukengerei, schoonmaakbenodigdheden etc) en wordt er op diverse plekken bereid eten verkocht.
De “night market” kent, zoals de naam al aangeeft, andere openingstijden. Deze gaat pas tegen 17 uur open en blijft open tot middernacht. Op deze markt kun je zeer uitgebreid eten op een oppervlakte, geheel bekleed met rieten matten en omgeven door kraampjes waar je allerlei voedsel kunt laten bereiden voor weinig geld.
Als je je keuze hebt gemaakt, doe je je schoenen uit, gaat op de matten zitten en wacht tot het bestelde eten bereid is en bij je op de mat geplaatst.

Veel bewoners van Phnom Penh zijn hier regelmatig te vinden, het is dan ook een gezellige sfeer en een prima ontmoetingspunt.
In de hoofdstad zijn er ook nog de “central market” en de “Russian market”, maar daar zijn de stands soms pas bemenst vanaf 10 uur, ook al omdat deze markten ook veel toeristischer zijn.
De reden dat ik deze markten de belangrijkste plekken noem is omdat ze een enorme sociale functie hebben. Afspraken tussen familieleden of vrienden worden vaak op de markt gemaakt. Als er bijvoorbeeld een kappersbehandeling uitgevoerd wordt, zit degene waar mee afgesproken is er vaak naast, wordt er uitvoerig gekletst, en vaak wordt er ook gegeten en gedronken.
Maar ook bij de verschillende eetgelegenheden zitten bekenden van elkaar gezellig te kletsen.
In de dorpen op het platteland gaat dat ook zo, maar in kleine gehuchten (zoals die waar ik in woon) waar geen markt is, doen ze het iets anders.
De dichtstbijzijnde markt is voor ons op 5 km, wat op zich best te fietsen is…….maar daar houden ze hier niet zo van.
In onze hoofdstraat zijn ca 4 of 5 “winkeltjes”, die eigenlijk alleen maar bestaan uit een grote bamboehouten tafel, waarop allerlei voedsel is uitgestald.
De eigenaren van de “winkeltjes” gaan s’morgens heel vroeg met een scooter, waar een grote mand achterop is gebonden, naar het dorp en doen daar de inkopen voor hun winkel. Omdat ze grotere hoeveelheden kopen, krijgen ze kwantum korting, wat hun de winst van de dag moet opleveren, want hun klanten betalen hetzelfde als ze op de markt zouden betalen.
Ze rijden dan terug naar hun winkeltje, waar hun “klanten”, vrijwel altijd vrouwen, al luidkeels kwebbelend over van alles en nog wat, op de tafel zitten te wachten.

Alles wordt uitgespreid en de verkoop kan beginnen.
Dit gebeurt 7 dagen per week.
Voor een kappersbehandeling of voor een gouden sieraad moeten we echter nog wel zelf naar de markt, maar dat hoeft gelukkig niet elke dag.