Battambang (slot)

Na de “onvergetelijke” bamboetrein gingen we op weg naar 2 grotten, maar wel twee met een zeer verschillend “recreatief” doel…..
De eerste grot die we bezochten was de
Killing Cave of Phnom Sampeau, een mooie grot, hoog gelegen met een prachtig uitzicht, maar gebruikt voor een uiterst makabere activiteit van de Rode Khmer.

De tweede grot

20000 mensen, waaronder vooral veel vrouwen en kinderen, zijn hier op een werkelijk beestachtige wijze vermoord. Er waren 3 delen in die grot, de eerste was een kleinere grot met een grote steen er half voor. De steen werd gebruikt om babies en peuters op dood te slaan, onder de ogen van hun moeders.
De babylijkjes werden vervolgens in de grot geworpen en de moeders moesten nu mee naar de volgende grot, die tientallen meters diep was.
Daar werden ze gewoon het diepe in gegooid. De gids vertelde dat er af en toe iemand die meters diepe val overleefde, wat nog erger was dan gelijk dood zijn, omdat die personen uiteindelijk van honger en dorst omkwamen. Onderin de grotten staan vitrines met daarin de schedels en beenderen, soms nog met huidresten, van de slachtoffers.

De bodem van de tweede grot

De derde grot was nog weerzinwekkender, hier werden de foetussen van zwangere vrouwen uit hun buik gesneden voordat ze samen de grot in werden gegooid.
Ik heb dit beestachtig genoemd, maar ik ken in de natuur geen enkel beest wat tot dit soort wreedheden in staat is. Walgelijk.
Het spijt me als ik hier wellicht iets te uitgebreid over verteld heb, maar het maakte enorme indruk op me en ik wilde niet nalaten om dit te vermelden.
De reden dat de Rode Khmer ook vrouwen en kinderen vermoordde is dat Pol Pot wilde voorkomen dat nakomelingen van vermoorde mensen op de langere termijn wraakacties zouden gaan ondernemen, maar de reden van de gruwelijke methoden moet voer zijn voor psychologen, ik kan me er in ieder geval niets bij voorstellen.
Een heel indrukwekkend bezoek dus, dat werd afgesloten met een bezoek aan de tempel bovenop de berg waar boeddhistische monniken klaar zaten om ons het beste te wensen in ruil voor een donatie.
Onze stemming werd daar langzaamaan ook weer wat beter, mede doordat deze tempel en de directe omgeving het leefgebied bleek van honderden makaken, die het op alles voorzien hadden dat los lag of losgemaakt kon worden.

Mobiele telefoons, handtasjes…..alles moest goed vastgehouden of opgeborgen worden.

Dit is niet de aap die mijn blikje wilde afpakken, maar hij wilde wel even proeven

Ik zette heel even een blikje cola op de grond, die gelijk geconfisqueerd werd door een grote mannetjes makaak, we hadden beiden het blikje vast, maar zijn blik deed mij besluiten om het maar los te laten.

Na ons bezoek van deze indrukwekkende berg/grot daalden we weer af om bij een “restaurant” aan de voet van onze tweede grot, wat te gaan eten.

Uitgebreid diner in afwachting van de batgrot explosie

Die tweede grot was er één waar elke dag, rond zonsondergang, honderdduizenden vleermuizen de grot verlieten om iets verderop boven een groot meer op muggen jacht te gaan. Bij zonsopgang keerden ze dan terug naar de grot om daar dan de dag door te brengen.
Deze uittocht was bijzonder om te zien, helaas wel lastig om te fotograferen.
Tegen 19 uur was het spektakel afgelopen en stapten we weer in de tuktuk op weg naar ons hotel.

De volgende morgen, rond 9 uur, vertrokken we voor onze tweede “excursie” richting Phnom Banan, een ruïne van een “AngkorWat” achtige tempel.
Maar onderweg had onze chauffeur/gids nog een paar tussenstopjes ingepland voor ons.

Na een kwartiertje rijden kwamen we met onze tuktuk bij een Indiana Jones achtige hangbrug, waar de tuktuk maar net over kon qua breedte, maar niet zonder een heftig gewiebel……kennelijk moesten we dit obstakel nemen om bij een vissersgehucht te komen waar eigenlijk niet eens zoveel te zien was. In het midden van de rivier lagen een aantal vissersbootjes aan een smalle stijger. Aan beide kanten van de rivier stonden een paar hutjes en een klein winkeltje.
Het enige bijzondere aan dit gehucht was, volgens de gids, dat de kant waar we waren Islamitisch was en de overkant Boeddhistisch.
Cambodja is voor 98% boeddhistisch dus in zijn ogen was dit dus heel bijzonder.
Ik vond de Indiana Jones brug de moeite waard, en het gehucht leuk om te zien.
We gingen niet via dezelfde brug terug, maar reden door naar Baydamram market, een klein marktje halverwege Battambang en Phmom Banan. Op zich was dit geen bijzondere markt…. tot je omhoog naar de bomen keek die langs de markt stonden.

In de bomen hingen namelijk honderden vleerhonden of “fruit bats” of “megabats”, zoals ze ook genoemd worden, een grote vleermuissoort (sommigen wegen meer dan een kilogram en hebben een spanwijdte van ruim 1 meter) die dol zijn op fruit.
Prachtig om te zien, vooral als ze naar een andere boom vlogen.
De laatste pitstop voor we Phnom Banan zouden bereiken was een wijnboer, daar werd een Cambodjaanse Syraz wijn gemaakt en een brandy van dezelfde druif.
Er stond een kraam naast de wijngaard waar we konden proeven…..en kopen.
De wijn (2014) was fruitig en best lekker, de brandy was sterk en geurig. Er was ook nog een jongere wijn, van 2017.

Ik schrok van de prijzen, bepaald niet Cambodjaans…..voor de 6 jaar oude wijn vroegen ze 25$ per fles en die van 3 jaar moest 15$ kosten. Voor de brandy zou ik 50$ moeten neerleggen.
Ik denk dat onze tuktuk rijder een deal had met deze wijnboer (dat komt namelijk vaak voor in Cambodja) dat hij iets kreeg om ons daar te brengen.
We hebben een paar flesjes (300cl) druivensap gekocht (á 3$) en zijn toen weer in de tuktuk gaan zitten.
Een kwartier later kwamen we aan in Phnom Banan, waar het heel rustig was. Van de tempel, die uit de 11e eeuw stamt, op zich was niet zo heel veel meer over, een paar gebouwtjes, ingenomen door boeddhistische monniken, die sereen op de te geven donaties zaten te wachten en daarvoor in ruil enkele mantra’s ten gehore zouden brengen.
Maar om bij deze gebouwtjes te komen moest er wel een trap worden beklommen van 380 treden.

Bijna boven

Uiteraard hebben we dit gedaan, en bovenin was het uitzicht ook erg mooi, en de monniken waren er vast ook blij mee, want in deze Corona tijd, was elke bezoeker meegenomen.

Weer terug beneden hebben we nog heerlijk geluncht alvorens weer terug naar het hotel te vertrekken.

Tegen 18 uur bracht onze tuktuk ons naar de “nightmarket”, langs de rivier, waar vele kleine restaurantjes stonden met prima eten.

Happy birthday to me…..

Na het eten had Vanna nog een verrassing voor me in de vorm van een fruittaartje met bijpassende “happy birthday” muziek (het was tenslotte mijn verjaardag) en na het rondkijken tussen de kraampjes (meest kleding) op de markt, gingen we met de tuktuk weer naar het hotel.

Battambang zat er voor ons op, een heel plezierige ervaring, een leuke korte vakantie in een voor ons allebei onbekende stad.
De volgende ochtend om 7.30 waren we op het vertrekpunt van de bus naar Phmom Penh.
Hoewel de verwachte aankomsttijd nog steeds op 1300 stond weergegeven, wisten we intussen wel beter en we gingen dan ook met gemengde gevoelens weer in de bus zitten.
We hadden een andere chauffeur, eentje die niet voortdurend aan het beppen was met vriend(inn)en, ook wel een goede bestuurder, maar hij had wel weer een andere verrassing voor ons in petto.
Na een tijd rijden ontdekte hij ineens (te laat) dat er een politieagent met een laser zijn snelheid had gemeten.
In Cambodja wordt dan niet je kenteken geflitst, maar staat er een vuik na een paar honderd meter, waar je dan wordt aangehouden en een bekeuring krijgt als je te hard hebt gereden.
De chauffeur kende dit proces kennelijk goed, want om de boete (van 40$) te voorkomen, dook hij een zandweg in en probeerde hij op een alternatieve manier een kilometer verder weer op de route te komen.
De zandweg bleek echter steeds smaller te worden, en de bus kon er niet meer door, dus een stuk achteruit, en via het erf van een boer kwam hij op een andere zandweg, die dichtbij de beoogde hoofdweg liep, maar geen verbinding had om daar te komen.
Uiteindelijk moest hij een paar meter over landbouwgrond rijden (waarbij de carrosserie volgens mij niet ongeschonden bleef) om weer op de hoofdweg te komen. Gelukkig ook nog voorbij de politievuik.
Let wel, we praten hier over de Openbaar Vervoer verbinding tussen de 2 grootste steden van Cambodja.
Op het laatste deel van de reis wist hij met stoere en soms tenenkrommende inhaalacties nog wat tijd in te halen, waardoor we toch om 15 uur weer in Phnom Penh arriveerden.
Een bijzondere ervaring en tevens de afsluiting van onze korte vakantie. Cambodja blijft toch een bijzonder land.

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag